Meer en meer zien we dat er door de digitalisering een verschuiving plaatsvindt naar een platformeconomie. Door alle technologische ontwikkelingen kunnen en hoeven we het niet meer allemaal alleen te doen. Kostendruk en flexibilisering spelen daarbij eveneens een belangrijke rol. Hierdoor groeit in tal van sectoren de wens om vanuit de principes van een ecosysteem samen te werken. Maar hoe ziet die nieuwe manier van samenwerken met andere partijen er in het Nieuwe Normaal uit? Eerder schreef ik over het belang van gedragsverandering, onderling vertrouwen en de noodzaak tot andere leiderschaps-vormen.

De oude Grieken

Zoals wel vaker met vooruitstrevende inzichten, liggen er belangrijke lessen te leren vanuit het verleden. In deze blog blik ik ongeveer 2300 jaar terug in de tijd. Ook toen had men het al over infrastructuur, al kon men zich toen nog niets voorstellen bij begrippen als Cloud, 5G en Virtual Reality 😉 Maar met wijsgeer Aristoteles aan het filosofische roer had men het toen al over de kenmerken van een sociale infrastructuur. Aristoteles pakte bij de opbouw van de stadstaat Athene een model van vriendschap als basis voor samenwerking. Dit zorgde voor een eerste vorm van democratie en Athene wist voor lange tijd de hegemonie in het oude Griekenland te bemachtigen. Met de komst van digitale ecosystemen, waar samenwerking een nog centralere rol speelt, loont het wat mij betreft om de denkwijze van Aristoteles binnen de eigen organisatie eens te toetsen en te kijken welke lessen we hieruit kunnen trekken.

Van transactioneel naar relationeel denken

Filosoof en hoofddocent Beroepsethiek en Integriteitsmanagement aan Nyenrode Business Universiteit, Edgar Karssing legt in onze laatste aflevering van de podcastserie over het nieuwe werken en digitaliseren uit wat de overstap van transactioneel denken naar relationeel denken met samenwerkingen doet. Het interessante aan zijn verhaal vind ik dat, willen we succesvol zijn in de nieuwe digital wereld, we met elkaar naar een gezamenlijk ‘what’s in it for us’ purpose moeten komen voor een duidelijke grondslag voor de samenwerking. Dat doen we niet alleen door tegen elkaar te zeggen dat we als vrienden met elkaar om willen gaan, maar vooral door te zorgen dat we de vriendschap ondersteunen door de manier waarop we de sociale infrastructuur van ons ecosysteem inrichten.

Pleidooi voor vriendschap

Als vrienden aan het werk dus, maar in onze westerse wereld is dit helaas niet by default het geval. Professioneel samenwerken prima, maar niet met de vanzelfsprekendheid en openheid van een echte vriendschap. Aristoteles begreep bij het inrichten van Athene al dat niet alle burgers vrienden van elkaar hoefden te zijn. Maar een vriendschapsmodel kan wel gebruikt worden om samen te leven. Aristoteles leert ons drie lessen:

  1. Denk contact, niet contract. Het verschil daarin is de r van relatie. Stap dus af van alleen transactioneel denken;
  2. Haal je motivatie uit een gezamenlijk doel. Denk niet; what’s in it for me, maar richt je op; what’s in it for us? Dát is relationeel denken;
  3. Denk vooraf in vredestijd, dus voordat mogelijke conflicten optreden, samen na over hoe je met tegenslag kunt omgaan. En schets hiervoor samen heldere kaders. Leg dit ook goed vast en borg dat iedereen die dit betreft binnen de verschillende organisaties hier hetzelfde beeld van hebben. Dit lijkt een open deur, maar wordt lang niet altijd goed gedaan.

De ontwerpprincipes van Ostrom

Wanneer we ruim twee duizend jaar vooruit springen en in 2009 belanden, zien we econoom Elinor Ostrom de Nobelprijs winnen voor haar analyse van economisch bestuur. Ostrom onderzocht de geheimen van goede samenwerkingsvormen en formuleerde acht ontwerpprincipes. Om de kans te vergroten dat een digitaal ecosysteem ook echt een succes wordt, kan het geen kwaad om haar principes hier nog eens tegen aan te houden:

  1. Borg dat je een duidelijk gemeenschappelijk doel hebt;
  2. Bepaal op voorhand met elkaar wat je een rechtvaardige verdeling van baten en lasten vindt, en formuleer de criteria waarop je dit straks gaat doorvoeren;
  3. Zorg voor rechtvaardige en inclusieve besluitvormingsprocessen en ook hier borg dat de betrokkenen hier hetzelfde beeld over hebben;
  4. Focus op toezicht op de leden, gericht op leren en verbeteren, niet op controleren;
  5. Reageer op proportionele wijze en houd de communicatielijnen open;
  6. Formuleer een snelle en rechtvaardige geschillenaanpak;
  7. Binnen een samenwerkingsverband dienen betrokken partijen ook het mandaat te hebben om vanuit de eigen organisatie beslissingen te nemen. Zorg voor heldere kaders en beslissingsruimte;
  8. Wil je opschalen? Gebruik d eerste 7 principes om de samenwerking met een ander ecosysteem of partij vorm te geven.

Inrichting van je sociale netwerk

Wat leveren al deze lessen ons nu op? In ecosystemen met een goede sociale infrastructuur ontstaat er betere en vooral ook meer communicatie, worden fouten eerder vergeven, is er meer begrip voor elkaars belangen en heerst er meer vertrouwen. Hiervoor is het wel zaak om tijdig even terug te stappen en te reflecteren. Dit kost tijd en vraagt om openheid maar dit alles leidt uiteindelijk tot meer business. Het is dus zaak om als ecosysteem je sociale ‘samenwerken’ te organiseren. De grote uitdaging is natuurlijk hoe je de principes concreet vertaalt naar gewenst gedrag en borgt dat betrokken organisaties zich ook als zodanig gaan gedragen.

Meer inspiratie nodig? In de podcast licht Edgar Karssing de bijzondere lessen van Aristoteles en de ontwerpprincipes van Ostrom verder toe. Ik zou zeggen; doe er je voordeel mee. Zeker in deze tijd van crisis en druk om versneld de nieuwe mogelijkheden te benutten, kan het geen kwaad om hier op te reflecteren.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *